Maarten Luther als selfmade mediamagnaat
Plus: iedereen een datakluis, liefde in het Lange Nu & speculatieve kunstzinnigheid
Als wij Maarten Luther zeggen, denken jullie waarschijnlijk aan een ietwat stoffige geschiedenisles. Volgens historicus Andrew Pettegree is niets minder waar, hij ziet Luther als misschien wel de eerste echte mediapersoonlijkheid. In deze editie lees je over hoe Luther de potentie van de boekdrukkunst zag.
Verder deze week; wat gedachten over de eerste, volgens ons belangrijke, stap naar het creëren van een internet waarin gemeenschap centraal staat. En lees je over hoe het wetenschappelijk professionalisme worstelt met een van de grondslagen van wetenschappelijk onderzoek: reproduceerbaarheid.
Maar dat is niet alles. Om onze creatieve mojo gaande te houden zoeken we altijd nieuwe inspiratie vanuit alle hoeken; kunst, poëzie, architectuur, wetenschap en soms zelfs mode. We hebben vandaag daarom een hoop tips ter prikkeling van de speculatieve verbeelding voor je in petto. Zie het als een soort speculatieve ✨sprinkles, verspreid over deze nieuwsbrief, inspiratie waar je dit weekend naar kan kijken, luisteren, lezen of zelfs bezoeken.
Wat je vandaag kan verwachten:
1/8 🔒 Red het internet stap 1: iedereen een datakluis
2/8 ✨ Iris van Herpen - Sculpting the Senses
3/8 🤳🏼 Maarten Luther: monnik en selfmade media-ondernemer
4/8 ✨ Stedelijk Museum - Cosmism: Images from a Future Gathering
5/8 🔬 Professionalisme en de wetenschappelijke reproduceerbaarheidscrisis
6/8 ✨ Milan Hofmans - Came Back Got Out
7/8 🏗️ Generatieve AI als tool voor speculatieve architectuur en stedenbouw
8/8 🌹 Liefde in het Lange Nu
🔒 Red het internet stap 1: iedereen een datakluis
We schrijven al lang over de mogelijkheden om van het Internet een gezonde publieke sfeer te maken, in de sociologie ook wel openbaarheid genoemd. Op dit moment wordt het Internet gereguleerd als een markt, zie bijvoorbeeld de Digital Markets Act en de Digital Services Act van de EU. Wij denken dat dit niet de juiste conceptuele benadering is. Het internet is namelijk niet primair een markt, het is primair een openbaarheid. Het moet dus ook als zodanig gereguleerd worden.
Het verschil tussen markt en openbaarheid is als volgt: Een markt reguleert en produceert nut (wat een subjectief begrip is); en een openbaarheid reguleert en produceert gemeenschap (een gedeeld gevoel van behoren).
Het internet is vooral een plek waar mensen bij elkaar komen voor gemeenschap. Er wordt informatie gedeeld, er worden waarden en normen uitgelijnd en er wordt een gedeeld gevoel van behoren geproduceerd. Alleen doet het internet dat op een totaal verkeerde manier. Het creëert gefragmenteerde groepjes, die zich onderling verbonden voelen, maar zich isoleren van de rest. Dit komt doordat het internet nu functioneert als een (ontransparante) markt, in plaats van een openbaarheid.
We hebben hier ook regelmatig geschreven over wat er voor nodig is om het internet te reguleren als een openbaarheid. Zo werken we veel met een scenario dat uitgaat van een gefedereerde keten van datakluizen. Dit is een speculatieve infrastructuur die wij liefdevol een Universal Data Commons (UDC) noemen.
Een UDC kan (theoretisch) niet alleen persoonlijke identiteiten en journalistieke en wetenschappelijke bronnen veiligstellen (weg online nepperij), maar ook interoperability, data-transferability, data-ownership en AI-alignment garanderen. De UDC is een scenario dat is gestoeld op bestaande technologieën. Achter de schermen is de EU bijvoorbeeld al een tijdje bezig om één aspect van ons scenario te reguleren; de persoonlijke datakluis.
De EU bouwt aan standaarden waar datakluizen aan moeten voldoen. Standaarden die in 2026 EU-breed moeten gelden. Deze datakluizen, of wallets, zijn nu nog niet gefedereerd (ze vormen samen nog geen validerende keten). Ze zijn eigenlijk alleen gemaakt om veilige online identificatie mogelijk te maken. Zodat online partijen kunnen verifiëren met wie ze te maken hebben. En zodat verificatie kan plaatsvinden in contextuele privacy. Beide niet onbelangrijk.
De aankomende regulering heeft de markt volop in beweging gezet. In dit artikel van NRC worden een aantal van deze initiatieven uitgelicht. Inclusief mogelijke pitfalls. Want de weg naar iets als een UDC kan ook, pardoes, de afslag naar een autoritaire hellscape nemen.
Een ander interessant project in deze ruimte is overigens Solid, een gezamenlijk project van MIT en Tim Berners-Lee, de uitvinder van het WWW. Deze technologie vormt de basis van het werk waar Stichting Nederlandse Datakluis mee bezig is en die dit voorjaar een eerste versie van hun datakluis zullen lanceren als Minimum Viable Product. Het zijn interessante ontwikkelingen.
✨ Iris van Herpen - Sculpting the Senses
Als je toevallig in Parijs bent of binnenkort naar Parijs gaat, check dan de tentoonstelling van de Nederlandse ontwerpster Iris van Herpen in Musée des Arts Décoratifs. We hebben de tentoonstelling (nog) niet gezien maar wat we er tot nu toe van hebben meegekregen vonden we eigenlijk best gaaf. ‘Eigenlijk’, want we hebben normaliter niet zo heel veel met mode - wat overigens niet wil zeggen dat we er een negatieve mening over hebben.
De sculpturen van Iris van Herpen doen ons denken aan de speculatieve verbeelding van Moebius en Mézières. Met zowel vleugjes afrofuturisme en solarpunk als accenten die eerder doen denken aan een soort Darwinistisch-transhumanisme-goes-biomimicry - met gebrek aan een betere omschrijving. Hoe dan ook, de tentoonstelling heet ‘Iris van Herpen. Sculpting The Senses’ en loopt tot 28 april. Schroom niet ons een recensie te schrijven als je bent geweest. 🙂
🤳🏼 Maarten Luther: monnik en selfmade media-ondernemer
Elke nieuwe informatietechnologie creëert nieuwe cultuur, je zou zelfs kunnen stellen dat de uitvinding van de boekdrukkunst instrumenteel is geweest in het ontstaan van de moderniteit. Dit is in elk geval een van de belangrijke dimensies in onze cultuur-historische duiding van de moderniteit.
Een belangrijk figuur in de vroegmoderne tijd was Maarten Luther, bekend omdat hij met zijn 95 thesen de Reformatie in gang zette. In zijn boek en zijn lezing bij Harvard legt professor Andrew Pettegree uit dat Luther ook een slimme media-ondernemer en misschien wel de eerste echte mediapersoonlijkheid was.
De vroege boekdrukindustrie had in Luthers tijd nog niet echt het verdienmodel van de uitgeverij ontdekt. Boekdrukpersen drukten eigenlijk vooral in opdracht in Latijn geschreven academische boeken. Of ze drukten voor koning of kerk verordeningen en aflaten. Daarnaast waren boeken duur, het drukken van een boekwerk van een paar honderd bladzijden kon zomaar een jaar in beslag nemen.
Luther veranderde dit. Hij doorzag de onaangeboorde potentie van de boekdrukkunst. Hij bemoeide zich tot in de details met hoe en door wie zijn teksten gedrukt en geïllustreerd moesten worden. Dat deed hij heel anders dan zijn tijdgenoten, zijn schrijfstijl was kort en puntig, zijn uitgaven (pamfletten) besloegen meestal vier of acht pagina’s en waren geschreven in het Duits in plaats van in het Latijn.
Veel van zijn teksten waren een soort compacte preken die men in gezelschap aan elkaar voorlas. Zijn bondige stijl, met een leestijd van zo'n 10 minuten, stond haaks op de langdurige preken van die tijd die zomaar twee tot drie uur konden duren.
Als laatste was Luther ook nog eens zeer productief: in twee jaar tijd publiceerde hij zo’n 45 van deze pamfletten, en er zijn in totaal zo’n 500 edities van zijn werk verschenen. Je zou het bijna een nieuwsbrief of blog avant la lettre kunnen noemen.
✨ Stedelijk Museum - Cosmism: Images from a Future Gathering
Denkers, wetenschappers en kunstenaars speculeren al langer over de veranderende toekomst en over hoe de toekomst te veranderen is. In het Russische kosmisme, een filosofische stroming uit het begin van de vorige eeuw, werd gezocht naar redding in technologie, het overkomen van de dood en het tot leven wekken van overledenen. Omdat het hierdoor wel erg druk op aarde zou worden, moet de ruimte worden gekoloniseerd om een interplanetaire beschaving te bewerkstelligen.
Gedachtegoed waar de Russische president Poetin met zijn ideologie volgens journalist en Ruslandkenner Raymond van den Boogaard mee speelt. Van den Boogaard haalt als voorbeeld een toespraak uit 2007 aan, waarin Poetin lyrisch is over de menselijke verovering van het heelal, als een menslievend en vooruitstrevend project.
In de tentoonstelling ‘Cosmism: Images from a Future Gathering’ in het Stedelijk Museum in Amsterdam is de kunsttak van het kosmisme te bewonderen. Waaronder de bovenstaande speculatieve ‘ruimteboot’ van kunstenaar Fedir Tetianych. Deze zogenoemde biotechnosphere, zou een toekomstige creatie zijn, uitgerust met alle benodigdheden voor één of twee personen om het eeuwige leven te ondersteunen.
Wij denken dat deze expo een mooie weekendactiviteit is. Maar ga wel deze maand nog, want de tentoonstelling is tot 3 maart te zien. En op 1 en 2 maart is er een conferentie die de kosmistische ideeën onderzoekt in het licht van verschillende globale crises.
🔬 Professionalisme en de wetenschappelijke reproduceerbaarheidscrisis
Wetenschappelijke waarheden zouden universeel waar moeten zijn. Dus ongeacht de plek, het tijdstip en de mensen die betrokken zijn zouden identieke experimenten dezelfde wetenschappelijke kennis boven tafel moeten brengen.
De laatste decennia lijkt dit in veel wetenschappelijke domeinen vaak niet meer het geval. Bevindingen uit papers gepubliceerd in vooraanstaande wetenschappelijke peer-reviewed journals kunnen vaak niet gereproduceerd worden. Waardoor het wetenschappelijke fundament onder deze inzichten wegvalt. Moleculair bioloog Mike Donio en veel van zijn collega’s hebben het aan den lijve meegemaakt wanneer ze zelf onderzoeken probeerden te repliceren. Op zijn Substack legt hij uit hoe het zit.
Niet alleen Donio, ook grote farmaceutische bedrijven kwamen erachter dat ze uitkomsten van allerlei belangrijke studies niet konden reproduceren. Bayer Healthcare en Amgen deden intern onderzoek en kwamen tot schokkende cijfers. Bij Bayer kwamen ze erachter dat ze maar liefst 85 procent van de resultaten niet konden reproduceren en bij Amgen was het maar liefst 95 procent!
Het zijn schokkende cijfers, die het vertrouwen in de wetenschap diep aantasten. Want hoe kun je nu nog op een medicijn vertrouwen? En ook; hoe kan je er überhaupt nog een ontwikkelen als je onderzoek op een wetenschappelijk kaartenhuis gebouwd is?
Hoe is dit mogelijk? Een van de oorzaken lijkt te zijn dat er geen incentives zijn voor wetenschappers om experimenten te repliceren en dat veel wetenschappers niet zo zwaar tillen aan reproduceerbaarheid, schrijft Donio:
Most scientists acknowledge that a lot of data cannot be reproduced but, they don’t see why that invalidates the claims being made nor does it mean that the system is flawed! Say what?
Here’s how Monya Baker put it:
“Although 52% of those surveyed agree that there is a significant 'crisis' of reproducibility, less than 31% think that failure to reproduce published results means that the result is probably wrong, and most say that they still trust the published literature.” (Baker, 02016)
Donio haalt ook Howard Horton aan, hoofdredacteur van het prestigieuze medische tijdschrift The Lancet:
“Part of the problem is that no-one is incentivised to be right. Instead, scientists are incentivised to be productive and innovative.” (Horton, 02015)
Het lijkt er op dat het ‘verwaterde professionalisme’ van de Homo Economicus waarover we schreven in Een Requiem voor de Professional ook post heeft gevat in de wetenschap. De wetenschapper, niet als waarheidszoeker die een algemeen belang of nut dient, maar die een radertje in de bureaucratische machine is geworden.
De wetenschap is toe aan een nieuw en tegelijk ouder arbeidsethos: meesterschap. Een beroepsethiek waarin je niet in de eerste plaats een functie bent (het radertje in het raderwerk), maar in de eerste plaats een vakmens bent.
Bij meesterschap staat de ethiek van je vak boven de (a)moraliteit van je werk- of opdrachtgever. En niet het blind vertrouwen in bureaucratische protocollen en instituties. Het is een werkethos die overigens verenigbaar is met de steeds sterker wordende roep om meer transparantie, wat zich vertaalt naar ideeën als; open science, open data en open government.
✨ Milan Hofmans - Came Back Got Out
Fotograaf Milan Hofmans laat met een fotoserie zien hoe een superband in het jaar 02163 eruit ziet. Wel een analoge superband, met elektrische gitaren, want rock uit 01970 is dan weer helemaal in. Volgens de maker zou je het kunnen zien als een soort protest tegen digitalisering. De foto’s in de serie zijn dan ook tot stand gekomen zonder photoshop, maar belichting, rookmachines en een 4,5 bij 5 meter maquette van Mars hebben voor de gewenste effecten gezorgd.
Tot de zomer 02024 is de tentoonstelling te bezoeken, neem van te voren wel contact op met: camebackgotout@gmail.com.
🏗️ Generatieve AI als tool voor speculatieve architectuur en stedenbouw
In dit korte gesprek van Near Future Laboratory wordt Hassan Ragab geïnterviewd, volgens hem kunnen AI-tools helpen de status quo van architectuur te challengen. Ragab houdt zich bezig met speculatieve architectuur en visual design. Hij zegt dat AI belangrijk is bij het speculatief nadenken over ruimtelijke inrichting, omdat het kan helpen bij kijken naar alternatieve mogelijkheden.
Volgens Ragab moeten we mogelijkheden van AI inzetten om de wereld vooruit te helpen. De zoektocht naar (betere) alternatieven is bij architectuur zo belangrijk omdat het mensen, economie en natuur in grote mate beïnvloedt. AI kan handvatten geven om inclusiever, kritischer en meer open-minded naar architectuur te kijken.

Ook architect Ronald Rael zet AI in om de mogelijkheden van architectuur te ontdekken. Specifieker de mogelijkheden van 3D-geprinte architectuur, zoals hieronder te zien is.

In de werken van Rael, die zich buiten de digitale wereld manifesteren, zet hij traditionele bouwmethoden met modder en aarde in, gekoppeld aan het gebruik van nieuwe technologieën zoals een 3D-printer. Misschien wel het beste aan zijn ‘echte’ werk, is dat het volledig CO2-vrij gerealiseerd kan worden.
🌹 Liefde in het Lange Nu
Ter afsluiting een prachtig gedicht van vriendin en mede stadsastronaut, Marjolijn van Heemstra over liefde in het Lange Nu (of wellicht het Lange Nu als liefde?) - in ieder geval, dat lezen wij erin. Lees (of like) haar gedicht vooral zelf.
De Zachte krachten
(naar een gedicht van Henriette Roland Holst)
Het is de wortel die het asfalt splijt, de heilige
van steen die slijt door jarenlange streling.
Wie koestert kan het ruwste materiaal laten
verdwijnen, maar nooit alleen, nooit ineens
Het kost jaren tederheid, oneindige herhaling
van kleine vredestekens, waarvan niet één
verloren gaat. Elk liefdevol gebaar telt mee
in de beweging.
Ook als oorlog doordringt tot diep in de taal,
rondom ons woorden ontploffen, verder weg
de bommen, zullen zachte krachten winnen,
zonder ooit iets te verslaan.
Het is warmte in ons lichaam die een weg naar
buiten vindt. Het is een simpele thermodynamica,
de wet waarop het leven draait. De langzame
macht van liefde.
Marjolijn van Heemstra
We wensen je een fijn weekend vol inspiratie.
Heel veel liefs,
💚 Christaan, Edwin & Jaël