De openbaarheid als sleutel naar een betere wereld
R.I.P. Jürgen Habermas
Hoi, Christiaan hier. In de Chrononauten delen Edwin en ik gedachten en notities over maatschappelijke verschuivingen, historisch-futuristische denkramen en geloofwaardige en onderbouwde toekomstscenario’s.
Het is lang geleden dat we iets van ons hebben laten horen. We hebben ondertussen niet stil gezeten. Het opdrachtwerk gaat gestaag door en we hebben weer enkele gave, relevante en strategische scenario’s opgeleverd. Ook zijn alle illustraties van onze aankomende gids naar het jaar 2091 af – Woop Woop! En we hebben weer nieuwe stappen gezet in ons historisch-futuristisch denken – waarvan we een aantal aspecten vandaag met jullie willen delen.
De verdrietige gelegenheid is dat de Duitse socioloog Jürgen Habermas afgelopen week is overleden. De dag voordat het nieuws bekend werd zeiden we nog tegen elkaar dat de man onverwoestbaar leek. Hij is 96 geworden. R.I.P. 🙏🏽
Vandaag, ter ere van Jürgen Habermas, daarom enkele historisch-futuristische schema’s en notities over:
De Grote Verschuiving en de openbaarheid als sleutel naar een betere wereld;
De monsters in onszelf en de politiek van toekomstschok;
De Retro-Romantiek van Trump, Bannon, Yarvin en hun illiberale verwanten verklaard (het zijn Prerafaëlieten);
De Homo Economicus die de ‘de staat’ haat, zoals de Homo Romanticus ‘de markt’ haat en andere schaduwkanten van onze historisch-futuristische archetypen.
De sleutel naar een betere wereld
Zoals vaste lezers weten, bouwen wij onze scenario’s en toekomstverbeeldingen aan de hand van ons historisch-futuristische denkraam, het World Tree Model. En dit werkt ook vice versa – ieder scenario en iedere toekomstverbeelding voegen weer nieuwe lagen toe aan ons denkraam.
Het denkraam categoriseert historische tijdperken, zoals de Middeleeuwen of de Moderne Tijd, als kennisculturen met een intern coherente institutionele ordening. Deze ordening is het gevolg van het samenspel tussen de heersende informatietechnologie en het dominante mens- en wereldbeeld van een cultuur.
Zie het onderstaande schema als voorbeeld. Het laat de Grote Verschuiving zien waar we ons vandaag de dag in bevinden: van een Moderne kenniscultuur naar een Gewortelde kenniscultuur.
Het overkoepelende idee is dat informatielogica, en hoe wij onszelf, onze gemeenschap en de wereld om ons heen begrijpen, twee kanten van dezelfde munt zijn.
Informatietechnologie organiseert onze samenleving van buiten naar binnen in onderling verenigbare sociale en maatschappelijke instituties. Ons mens- en wereldbeeld laadt deze instituties, van binnen naar buiten, met gedeelde waarden. Op deze manier worden kennisculturen technologisch en epistemologisch geharmoniseerd.
In ons denken heeft iedere kenniscultuur, zowel die van vroeger als die van morgen, een sleutelinstituut: een instituut dat het mens- en wereldbeeld op een logische wijze koppelt aan de informatietechnologie en dat zowel het organisatorische als epistemologische fundament vormt voor alle andere instituties.
In de Middeleeuwen was dit ‘de staat’, in de Moderne Tijd ‘de markt’, en in het zich aandienende tijdperk is dat, vermoeden wij, ‘de openbaarheid’.
Openbaarheid komt van het begrip Öffentlichkeit, dat in 1962 door Habermas werd gemunt. Het wordt ook wel vertaald als ‘publieke sfeer’.
Voortbouwend op het werk van Habermas – en op dat van denkers als Benedict Anderson, James C. Scott en Marshall McLuhan – definiëren Edwin en ik een gezonde openbaarheid als een vrij-toegankelijke en transparante ruimte waarin herkenbare individuen samenkomen die informatie uitwisselen en waarden uitlijnen zodat een overlappend mens- en wereldbeeld ontstaat waaruit een gedeeld gevoel van lotsverbondenheid en burgerschap voortkomen.
De openbaarheid koppelt het verlangen van de Homo Romanticus, die niets liever wil dan samenvallen met zichzelf, zijn gemeenschap en de kosmos, op een logische manier aan het digitale woord. De openbaarheid valt namelijk grotendeels samen met het internet – hoewel deze op dit moment niet functioneert als een gezonde openbaarheid.
Een belangrijk deel van ons scenariowerk bestaat uit het ontwerpen van designcriteria en technologische scenario’s die van het internet een robuuste en gezonde openbaarheid kunnen maken – een plek die mensen samenbrengt in gemeenschap, in plaats van uit elkaar speelt in anti-normerende bergcultuurtjes, zoals nu.
Dit is belangrijk, omdat op dit moment het internet nog steeds wordt gereguleerd als een markt. Dat is niet vreemd, want de markt was het sleutelinstituut van de Moderne Tijd. Maar het is alleen geen markt. Het is een openbaarheid. Een markt produceert nut en welvaart, een openbaarheid behoren en welzijn.
Als we het internet gaan reguleren als openbaarheid, zal dat het fundament kunnen gaan vormen voor de instituties van de Gewortelde Tijd – zo noemen wij het tijdperk waarin de waarden van de Homo Romanticus samenkomen met de organisatorische logica van kunstmatige intelligentie.
Zie hieronder een sneak preview van hoe dit eruit zou kunnen zien. Het filmpje komt uit een scenario dat we hebben gemaakt voor de VO- en PO-raden. In de video legt een toekomstige Eurocommissaris Digitaal Burgerschap uit hoe ze het web niet meer als een markt, maar als een openbaarheid gaan beschouwen en reguleren.
De monsters in onszelf
De verschuiving van de oude Moderne kenniscultuur naar de Gewortelde kenniscultuur van morgen gaat uiteraard niet zonder slag of stoot. De woorden van Antonio Gramsci resoneren niet voor niets:
The crisis consists precisely in the fact that the old is dying and the new cannot be born; in this interregnum a great variety of morbid symptoms appear.
Of, zoals Slavoj Zizek puntig parafraseerde:
The old world is dying, and the new world struggles to be born: now is the time of monsters.
Maar hoewel deze monsters een symptoom zijn, is de ziekte niet de tussentijd waar we ons nu in bevinden. De tussentijd is slechts de context. De ziekte zelf heet toekomstschok – een variant van cultuurschok.
Cultuurschok vindt plaats als je je in een voor jouw vreemde cultuur bevindt waarin je niet kan terugvallen op de instituties en de rolpatronen die je gewend bent. En omdat instituties de organisatorische en epistemologische grond onder je voeten zijn, voel je je ontheemd en onveilig.
Cultuurschok heeft ongeveer vijf fases, waarvan fase twee de ergste is. Daarin ben je namelijk emotioneel compleet gedesoriënteerd – alles in je voelt weerstand tegen je nieuwe omgeving en verlangt ernaar om thuis te zijn, in de wereld die je kent en vertrouwt. Je hebt het zwaar. Je nieuwe omgeving schilder je af als minderwaardig. Je misdraagt je. Je bent in shock.
Het is de tijd van monsters. De monsters die je in je draagt. Want het grootste monster ben je op dat moment zelf.
Cultuurschok duurt gemiddeld zo’n twee jaar – dat wil zeggen, als je het gehele traject aflegt, een andere taal leert en je, uiteindelijk, een nieuwe cultuur eigen maakt. De meeste mensen lukt dit niet. Zo’n zestig procent haakt voortijdig af en gaat terug naar huis of graaft zich in, in een karikatuur van de cultuur die ze hebben achtergelaten.
Bij toekomstschok gebeurt precies hetzelfde, alleen ga je niet naar een nieuwe cultuur, maar komt er een nieuwe cultuur naar jou – vanuit de toekomst, als het ware. De instituties van de oude vertrouwde cultuur eroderen en de instituties van een nieuwe cultuur dringen zich langzaam op. De meeste mensen kunnen dit niet aan. Ze verzetten zich, graven zich in, in een karikatuur van hun oude vertrouwde wereld.
De Trumps, Orbans en Wildersen van deze wereld zijn de avatars van deze weerstand. Het zijn de monsters in onszelf. Toekomstschok is dan ook vaak een collectieve aandoening.
Retro-Romantiek als toekomstschok
De Homo Romanticus is geboren als reactie (of correctie) op de vervreemding en onttovering van het wetenschappelijk objectieve wereldbeeld van de Homo Economicus.
Maar in plaats van de volgende stap te nemen en voort te bouwen op de Homo Economicus, grepen sommige Romantici terug op een ver verleden – op een verheerlijkt beeld van de Middeleeuwen. Als een karikatuur van ‘de oude cultuur’.
Ze creëerden een verbeelding van de Middeleeuwen waarin de mens, onderverdeeld in standen, nog in een soort goddelijke harmonie en natuurlijke hiërarchie met elkaar en de wereld leefde.

Deze thema’s zijn ook terug te vinden in de illiberale ideologieën van Curtis Yarvin, Steve Bannon en Peter Thiel. En in de politieke reflexen van Trump, Wilders en Orban. Er spreekt een diep verlangen uit naar een patrimoniale ordening die is gebouwd op natuurlijke (lees: racistische) standen en op persoonlijke en gemeenschappelijke eigenschappen waar iedereen zijn aangeboren plek kent en pakt. En waar macht werkt via persoonlijke patronagesystemen.
Een voorbeeld van deze Romantische verheerlijking van de Middeleeuwen is Lord of the Rings. Het is ook niet zo vreemd dat Silicon Valley opeens overspoeld wordt door defensiebedrijven met klinkende namen als Anduril of Palantir. Anduril verwijst naar een koninklijk zwaard uit Lord of the Rings, met als bijnaam ‘Flame of the West’. (Yup…)
Schaduwkanten
Na het zien van deze verkiezingsposter had ik de gedachte: De Homo Economicus wantrouwt ‘de staat’, zoals de Homo Romanticus ‘de markt’ wantrouwt.
Dit wantrouwen is uiteraard historisch verklaarbaar. Het komt voort uit de schaduwkanten die iedere kenniscultuur in zich draagt.
De belangrijkste schaduwkant van de Homo Nobilis is onderdrukking en de belangrijkste schaduwkant van de Homo Economicus is uitbuiting. Die van de Homo Romanticus is, denken wij, buitensluiting – of dit nu solipsisme of fascisme is; het eigene wordt gedefinieerd aan de hand van het afzetten tegen, of het negeren van, ‘de ander’.
Deze schaduwkanten zijn ironische inversies van het belangrijkste doel van het archetype. Zo zoekt de Homo Nobilis naar goddelijke waardigheid, maar creëert het, als het niet oplet, onderdrukking. En zo bouwt de Homo Economicus aan universele welvaart, maar neemt daarbij, vaker dan niet, enige uitbuiting voor lief. De Homo Romanticus wil niets liever dan samenvallen, behoren en thuiskomen, maar doet dit vaak door zich af te zetten tegen de ander.
Deze schaduwkanten worden meestal gecompenseerd als er een nieuwe kenniscultuur opkomt. Deze nieuwe kenniscultuur zal de sleutelinstituties van de oudere kennisculturen tot aanpassing dwingen.
Zo vormde de Homo Economicus de patrimoniale, goddelijk hiërarchische staat van de Homo Nobilis om tot een bureaucratisch apparaat dat is gebaseerd op een sociaal contract. En zo zal de Homo Romanticus via de openbaarheid zowel de staat als de markt ondergeschikt maken aan zijn waarden. En aan de organisatorische logica’s van AI.
Op deze manier krijg je een soort society stack, zie het schema hieronder.
Het is nu uiteraard wel aan de Homo Romanticus om zijn eigen schaduwkanten tegen te gaan, aangezien we niet kunnen wachten tot er een volgend mens- en wereldbeeld opkomt.
Het tegengaan van ‘buitensluiten’ moet dan ook een onvervreemdbaar aspect zijn van de designcriteria en de technische infrastructuur van een gezonde digitale openbaarheid.
Ik moet opeens denken aan de Griekse inscriptie gnōthi sauton – ken uzelf – dat de bezoeker las voordat hij het heiligdom van het orakel van Delphi betrad.
Tot de volgende keer!
Het zegt wat over de voortgang van ons aankomende boek dat ik opeens weer ruimte voelde om wat notities met jullie te delen. Het smaakt naar meer.
We hopen dat we snel weer elke week (of elke twee weken) bij jullie terugkomen.
En mochten jullie toevallig in Rotterdam zijn en een paar uurtjes over hebben, bezoek dan het Maritiem Museum. Onze bijdrage aan de vaste tentoonstelling Bestemming Havenstad loopt nog tot de zomer. We hebben een mythisch panorama van de toekomst van havenwerk gemaakt. Maar ook los van onze bijdrage is het Maritiem Museum zeer de moeite waard.

Zoals altijd, liefs van ons beiden,
❤️
Edwin en Christiaan






